Groepsimmuniteit

21 maart 2020

Zijn wij niet meer dan kuddedieren? Hoe de groepsimmuniteit kwam en ging.

Author picture

5 min. read

Premier Rutte bij zijn toespraak vanuit het Torentje
Premier Rutte bij zijn toespraak vanuit het Torentje NOS

Op maandag 16 maart sprak premier Rutte ons toe en introduceerde het idee dat groepsimmuniteit ons voor het ergste van de corona-crisis zou kunnen behoeden. Inmiddels was er coronavirus in de keel van 1413 mensen aangetoond , had het virus 24 slachtoffers geeist en was er door het carnaval in Brabant een cluster van infecties ontstaan. Van de 278 nieuwe coronavirus gevallen van die dag waren er 108 in Brabant. Het zag er niet goed uit voor ons land en om de ernst van de situatie aan te geven richtte de premier ,- voor het eerst sinds de olie crisis van 1973 op alle TV netten en vanuit het torentje-, zich tot ons.

Van kindervaccins wordt je niet ziek

Groeps-of kudde-immuniteit is een begrip dat wij kennen uit het onderzoek hoe vaccins ons beschermen tegen kinderziektes zoals kinkhoest, mazelen, bof en waterpokken. Het idee is dat je niet iedereen hoeft te vaccineren om toch iedereen te beschermen tegen de gevolgen van een infectie. Vaccins hebben twee belangrijke eigenschappen: ze beschermen gevaccineerden, vaak tot oudere leeftijd volledig. Sommigen van die infecties komen echter op oudere leeftijd terug zoals kinkhoest omdat je afweer met het stijgen van de leeftijd afneemt. Van deze kindervaccins wordt je niet ziek en vaccinatie maakt je niet dood, sterker nog ze hebben nauwelijks meer bijwerkingen dan een beetje pijnlijke zwelling, en wat roodheid op de plaats van injectie.

Je hoeft niet ieder kind te vaccineren om de rest ook te beschermen omdat een virus zich alleen maar kan verspreiden als het genoeg kinderen besmet. Door te vaccineren bescherm je ieder gevaccineerd kind tegen infectie en verminder je,- als de groep gevaccineerden maar groot genoeg is-, het aantal kinderen waarin het virus zich kan vermeerderen. En daardoor stopt een epidemie omdat een virus alleen kan overleven als het een bepaald aantal kinderen kan besmetten. En dat heet groepsimmuniteit en daar is een grens aan, die vooral bepaald wordt door hoe snel het virus zich verspreidt, hoe ziekmakend en dodelijk het virus is en hoeveel contact mensen hebben als de mens de besmettingsbron is.

90%

Mazelen, kinkhoest

80%

Bof, waterpokken

Vaccinatiegraad

Bij vaccinatie tegen een kinderziekte treedt de ziekte vrijwel alleen op in exact dezelfde leeftijdsgroep die je vaccineert. En die ziekte is te voorkomen als een bepaalde vaccinatiegraad bereikt is: het percentage van de groep met het risico op de infectie dat je moet vaccineren om de ongevaccineerden ook te beschermen. Dat is bij mazelen en kinkhoest 90% of meer en bij bof of waterpokken 80%. Dit hangt er vooral van af hoe snel de infectie zich kan verspreiden, en die snelheid is hoger bij mazelen en kinkhoest dan bij bof of waterpokken. Als een infectie onschuldig genoeg is, geldt hetzelfde principe als bij vaccinatie, maar dan moeten we wel exact weten hoe snel de infectie verspreidt; is die snelheid zo hoog als bij mazelen of kinkhoest of als bof of waterpokken of lager? En nou net dat weten we nog niet precies omdat dat afhangt van het testen van de bevolking en hoe je test. Op dit moment wordt aangenomen dat het coronavirus dat de COVID-19 ziekte veroorzaakt zich verspreidt met de helft van de snelheid van bof of waterpokken en daarvoor zou dan 60%, zo zeggen de modelleerders, geinfecteerd moeten worden met het virus om ook de onbesmetten te beschermen tegen de ziekte.

Groepsimmuniteit betekent een besmettingsgraad van 60%

60%

Word 60% gehaald?

Waarom is dit makkelijker gezegd dan gedaan. De eerste vraag is of die 60% gehaald kan worden, voordat de pandemie is uitgeraasd? Daar ontbreken op dit moment de gegevens over, we weten niet of bijvoorbeeld vooral tieners en jong volwassenen de oorzaak van verspreiding zijn en hoe snel het virus zich onder hen verspreidt en hoe. Het tweede probleem is dat het er op lijkt dat het virus zich sneller verspreidt onder tieners en jong volwassenen dan onder 50-plussers en dat nu juist in die groep het risiko op ernstige infectie het hoogst is. En dan gaat het niet alleen om het risiko om te overlijden, maar vooral ook om verdergaande invaliditeit boven op de ouderdomsziekten die ze toch al hebben. Om met infectie groepsimmuniteit te bereiken, moet een besmettingsgraad van 60% bereikt onder de jongeren en moeten ook nog eens de ouderen, met name de 80-plussers afgeschermt van infectie. Een vrijwel onmogelijke opgave.

Immers iedereen woont in Nederland tot zijn 75ste nog zelfstandig en daar boven loopt het percentage in verzorgingshuizen en bejaardenhuizen langzaam op, maar het merendeel blijft zelfstandig tot zelfs zijn of haar 95ste. Dan helpt het verbod op bezoek voor zulke huizen maar heel weinig om de ouderen te behoeden voor de gevolgen van de infectie. De waarheid is dat het merendeel van de ouderen die ernstig ziek worden door het coronavirus thuis overlijdt. En daar mogen de kleinkinderen nog steeds op bezoek. We zullen de ouderen nog beter moeten behoeden voor infectie en ik vrees dat dat alleen kan als we de infectie in de gehele bevolking voorkomen.

Een tot falen gedoemde strategie

De infectie voorkomen bij de grootouders en de kleinkinderen hun gang laten gaan, lijkt mij een tot falen gedoemde strategie. De minister- president heeft dat begrepen en binnen een dag na zijn toespraak, zei hij dat groepsimmuniteit geen doel op zich is en zei het RIVM dat groepsimmuniteit waarschijnlijk pas wordt bereikt als er een vaccin is. We kunnen allemaal blij zijn met deze flexibiteit van onze overheid. Maar als de ziekenhuizen steeds voller liggen met coronavirus patienten dan valt er waarschijnlijk niet aan te ontkomen om strengere maatregelen te nemen. De les van een land als Italie is dat je die strengere maatregelen moet nemen voor het te laat is. Maar dat niet alleen: de infectie kan terugkomen en daar moeten we ons nu op voorbereiden. Dat vergt een systematisch herhaalonderzoek onder alle leeftijdsgroepen om de eerste nieuwe besmettingen op tijd in de gaten te krijgen. En die op tijd met hun contacten te isoleren. Dat is de les die Singapore, Hongkong, Zuid-Korea, China en Taiwan ons leert.

Over Jaap Goudsmit

Jaap Goudsmit is arts en viroloog verbonden aan de Harvard T.H. Chan School of Public Health en wetenschappelijk directeur van het Human Vaccines Project, een NGO die onze afweer tegen ziekte probeert te doorgronden zodat er sneller en betere vaccins kunnen worden gemaakt.

Jaap Goudsmit